Het Vlees Gekruisigd

Want wie Christus Jezus toebehoren, hebben het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd. Indien wij door de Geest leven, laten wij ook door de Geest het spoor houden. Wij moeten niet praalziek zijn, elkander tartend, elkander benijdend” (Gal. 5:24-26).

Wat betekent het om het vlees te hebben gekruisigd? Ten eerste gaat het in dit vers over gelovigen, want zij behoren Christus Jezus toe. Ten tweede moeten we zien dat het vlees in de gelovige niet per se zondig is, zoals we zien in Galaten 2:20: “… voor zover ik nu nog in het vlees leef …”, waar het vlees betrekking heeft op onze ziel en lichaam , ons natuurlijke leven. Het vlees is in de gelovige daarom het psychische en fysieke. De kwetsbaarheid om onszelf als een onafhankelijk ego te zien, een deel van het vlees en daarom gevoelig voor verzoeking. Het vlees is heel belangrijk in ons leven, want Gods Geest spreekt voortdurend ons vlees aan met het geloof hoe te handelen. Het vlees moet daarbij verloochend worden door ons te beseffen wie we zijn. In de Geest zijn we gehuwd met Christus en daarom kunnen we niet langer uit onszelf handelen alsof we nog ongetrouwde mensen zijn. Onze oude mens is gekruisigd en gestorven (en daarom mijn oude huwelijk met de boze) en die dood is de basis waarop wij het vlees kruisigen. Wanneer de verzoeking komt, verloochenen we onszelf ten opzichte van iets dat vroeger bij de oude mens behoorde. Paulus zegt, “Doodt dan” (Col. 3:5; vgl. Rom. 8:13), dat wil zeggen dat we met het vlees omgaan op basis dat de oude mens al is gekruisigd. Wij kunnen niet meer zondigen naar de oude mens, want die is letterlijk gestorven en ik besef dat een onafhankelijke ego nu een illusie is. Wanneer we als een kundig vakman ons gereedschap hebben leren gebruiken, zal uiteindelijk de waarheid van Galaten 5:24 kenmerkend worden voor ons leven, dat wij het vlees hebben gekruisigd.

We doden niet de oude mens, want hij is al gestorven en begraven. Wij doden de leden door te staan op onze identiteit in Christus. Er komt een moment dat we zien dat onze onafhankelijke houding ons nergens brengt en dat we ontdekken: “God zij dank door Jezus Christus, onze Here!” (Rom. 7:25). Dan doden we niet langer de leden op aarde, maar zijn we in een fase gekomen dat we hier spontaan uit leven en dan hebben wij het vlees met zijn begeerten en hartstochten gekruisigd.

Romeinen 7 is niet bedoeld om ons leven lang onze ervaring te blijven. Incidenteel kunnen we in Romeinen 7 terugkeren, maar dat moet uitzonderlijk blijven. Onze verlossing heeft een breuk gebracht met de zonde en we hebben er niets meer mee te maken. We zijn niet als door echtscheiding gescheiden van de zonde, maar we zijn voor de zonde gestorven! Het is voorbij, de oude mens is gekruisigd en een gelovige moet komen tot het punt dat hij of zij het vlees heeft gekruisigd. Dan leven we spontaan, als vrijgemaakte mensen, vanuit Hem die ons leven is. Te veel gelovigen kennen aan de zonde macht toe waar ze in dit leven nooit van los denken te komen. Wanneer we het kruis kennen, zal ons beeld hierover drastisch veranderen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *